Helden van de kinderkliniek; waarom ik het programma haat en toch blijf kijken.




In het kinderziekenhuis van UZA worden jaarlijks meer dan 2600 kinderen opgenomen. Zo een 172 zorgverleners gespecialiserd in 20 verschillende disciplines staan iedere dag opnieuw klaar om voor de kleinste helden te zorgen. Eén van die zorgverleners en – in onze ogen, ook een superheldin – is de meter van Annabel.


Op dit moment kan je de herhalingen zien van ‘Helden van de kinderkliniek’ op VTM. Ik weet nog goed dat ik de eerste keer naar de reeks keek, zwanger. Aangezien mijn beste vriendin hier in meedeed keek ik elke week als trouwe supporter. Ik was toen al best emotioneel als ik alle verhalen zag van ouders en hun kinderen. Maar nu ik ze terug herbekijk schat ik dat ik de hele aflevering huil, met even een tussenpauze dankzij de reclameblokken.


Ik wist dat dit een emotionele trigger voor me zou zijn. Want sinds ik mama ben moet ik toegeven dat mijn hormonen een serieuze deuk hebben gekregen. Bij het minste voorval kan ik gaan huilen, zomaar. Ik nam me dan ook voor om deze herhaling op te nemen voor Annabel, zodat zij haar meter op TV zou kunnen zien. Maar om de één of andere reden zet ik een aflevering op en kijk ik. En blijf ik kijken.


Ik neem het mezelf kwalijk, dat ik het mezelf aandoe. Vanaf de begingeneriek voel ik de tranen al opkomen. Als ik al die gezinnen zie met hun kindje, daar in een ziekenhuiskamer. Als ik de mama zie meegaan naar het operatiekwartier en haar kindje in de armen houdt terwijl deze in slaap wordt gedaan. Als ik de kleine meid zie die te kampen heeft met zware epileptische aanvallen. Het kleintje met een open gehemelte dat wordt geopereerd, het lieve gezichtje helemaal ingepakt met groene schorten. De eindeloze behandelingen die worden uitgeprobeerd om deze kinderen te verhelpen van de pijn. Elke seconden wordt mijn moederhart geraakt.


Waarom blijf ik kijken? Het is niet zo dat ik mezelf wil pijnigen. Het liefst van al zou ik de aflevering stopzetten en wissen op de recorder. Maar ik blijf kijken.

Want bij elke minuut van de aflevering besef ik hoe goed wij het hebben. Annabel is gezond geboren. Ze was geen fantastische slaper en ik heb vaak gehuild als kersverse mama. Maar buiten een klein ongelukje hebben wij nooit op spoed moeten zitten met haar. Ze is vier en ik heb nog nooit één nacht in het ziekenhuis moeten liggen met haar. Dus bij elke scene in de reeks besef ik des te meer hoe dankbaar ik mag zijn. Hoe gelukkig wij onszelf mogen prijzen.


Ik zou het liefst van al mijn tv – scherm in kruipen en elke mama en papa een dikke knuffel geven. Mijn respect en bewondering uiten. Het liefst van al zou ik elk personeelslid van de afdeling willen benadrukken hoe groot mijn bewondering is, hoe fantastisch het is om te zien hoe begripvol zij zijn tegenover de ouders.


Dus ik kijk en blijf kijken. Ik haat het programma, echt waar. Ik haat de tranen die ik niet tegen kan houden en ik haat het hoe gevoelig en breekbaar dit programma me maakt. Maar ik blijf kijken, ondanks de haat. Omdat ik soms vergeet hoe goed wij het hebben. Omdat ik dankzij dit programma even met mijn voeten op de grond wordt gezet en ik des te meer besef hoe gezond wij zijn. Want ik wil geen ondankbare moeder worden die alles vanzelfsprekend vindt.Omdat het programma me doet beseffen dat als mijn dochter straks gedaan heeft met school en ik haar ga ophalen, ik haar een extra dikke knuffel ga geven. En haar nog eens extra hard ga benadrukken hoe graag ik haar zie.


Want het leven zit vol verrassingen. Niemand bezit een glazen bol die ons de toekomst kan voorspellen. Vandaag de dag zijn wij inderdaad drie (vier als je de baby mee telt :-) ) gezonde personen. En ik kan alleen maar hopen dat dit zo blijft.

31 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven