Mijn dochter heeft een hematoom én das oké.





We liepen door de supermarkt. Annabel had haar eigen karretje, mijn echtgenoot de grote winkelkar en ik liep er achter met de buggy. Max heerlijk nieuwschierig aan het rondkijken. Maar ze is niet de enige nieuwschierige. Achter ons lopen twee mannen. Terwijl ik uit het koelvak kaas neem zie ik ze fluisteren en wijzen naar het voorhoofd van Max. Ik zie hen discussieren wat het zou zijn. En ik wil reageren, maar ik doe het niet. Want ik heb geen nood aan een verklaring af te leggen aan vreemden die ik hierna hoogstwaarschijnlijk nooit ga zien.En toch blijf ik dagen later nog steeds nadenken over het voorval. Misschien had ik wel moeten reageren? Maakt dit mij een slechte moeder? Heb ik mijn dochter niet verdedigt of te weinig beschermt?


Een hematoom of een bloeduitstorting. Voor we er zelf mee in contact kwamen had ik er nog nooit van gehoord. Maar kort samengevat is het een onderhuidse inwendige bloeding. Zo een bloeduitstorting kan in principe overal voorkomen; benen, rug, armen … Maar in Max haar geval; pal op haar voorhoofd.


Na de geboorte was er nog niets te zien. Pas een paar uurtjes later zagen we voor het eerst een kleine afdruk op haar voorhoofdje. We moesten ons geen zorgen maken. Een paar weken later evolueerde die kleine afdruk naar een soort van inwendige schram. Een ooievaarsbeet of engelenkus, ook wel genoemd. En voor we het zelf in de gaten hadden transformeerde die ‘engelenkus’ zich naar een cefaal hematoom.




De medische kant van het verhaal.


Het gekke van heel het verhaal is dat wij als ouders totaal niet doorhadden dat het plekje op haar voorhoofd zo veranderden. Vreemd, want we zien haar elke dag, zou je denken. Het was pas door de vele vragen van andere hierover dat we toch een beetje ongerust werden. Tot toen werd er ons altijd gezegd dat we ons geen zorgen moesten maken. Bij het eerstvolgende doktersbezoek stelde ik de vraag opnieuw. Maar werd werd ons benadrukt dat ook een cefaal hematoom helemaal veilig was.


Een hematoom chirurgisch weg laten halen was volgens verschillende artsen onnodig. Sterker nog, het litteken dat door die operatie zou achterblijven zou groter zijn dan dat dit hematoom vanzelf zou verdwijnen. Want dat doet het, het vraagt alleen wat geduld en tijd. Sommige artsen spreken over maanden, anderen dan weer over een jaar én een andere arts sprak zelfs over vijf jaar.


De allerdomste opmerking die we ooit kregen was; oei, ge hebt ze toch niet laten vallen zeker?!


Onze kant van het verhaal.


Maar dat was de medische kant van het verhaal. Naar onze ervaring is die hematoom eigenlijk niet zo belangrijk. Sterker nog, wij hebben hier geen aandacht voor. Wij zijn verliefd op de amandelvormige ogen van Max. Wij dromen weg bij haar lieve glimlach en de bolle kaakjes die zich opvullen als ze zich frustreert. Haar fronsende rimpels op haar voorhoofd. Het is niet dat we het hematoom negeren of doen alsof het niet bestaat. Naar ons gevoel is het een uniek onderdeel van onze prachtige dochter. Er is geen dag dat we het wegwensen of hopen dat het snel verdwijnt. Dus wanneer ik een foto post dan sta ik helemaal niet stil bij hoe groot of opvallend haar hematoompje is. Tot iemand er ons over aanspreekt.


“Oei wat heeft ze op haar voorhoofd?”, of “gaat dat nog weg?”, het zijn die vaakgestelde vragen dat er ons aan doen herinneren dat Max een bijzonder plekje heeft op haar voorhoofd.

Die vragen zijn ook helemaal niet erg. We begrijpen maar al te goed dat mensen ze stellen. Maar voor ons is het vaak de ‘oei’ in de zin die ons op de achterpoten zet. Want waarom die toevoeging? Is ons kind in iemands ogen minder mooi omwille van die hematoom?! Wat als de hematoom niet meer zou weg gaan? Past ze dan niet in het ideaalbeeld van iemands hoofd? Ik stel mij dan vaak de bedenking dat je toch ook niet vraagt aan een ouder waarvan het kindje een lui oogje heeft; ‘oei gaat dat lui oog nog weg?!’. Maar ik benadruk; ik heb liever de vragen, dan het staren en het speculeren.





Ik stond aan de schoolpoort te wachten. Max in mijn armen, want binnen enkele minuten zou de poort opengaan. Plots begon er een mama tegen me te praten. Ze vertelde dat haar dochter ook een hematoom had gehad maar op haar arm. Deze was zo groot en donker dat ze wel met medicatie gestart waren. Ondertussen was de hematoom aan het afnemen. Ze benadrukte dat haar verhaal goedbedoeld was. Want dat ze zelf wist hoe lastig sommige vragen of opmerkingen konden zijn als mama van.




"Tot nu toe zijn kinderen het eerlijkst in hun vragen. Wanneer ik uitleg wat dat plekje is aanvaarden ze het, zonder hoe of wat. Maar uiteraard heb ik als mama soms bang dat dit later wel anders kan zijn, als de hematoom nog aanwezig zou zijn."

Negen dagen van de tien heb ik geen aandacht voor het hematoom. Het zijn op dagen zoals in de supermarkt, daar wanneer er een opmerking – al dan niet tegen ons – over wordt gemaakt dat ik tot het besef kom dat mijn dochter een hematoom heeft. Maar naast het feit dat sommige opmerkingen best hard overkomen op mij als mama van, heb ik zelf geen enkele issue met de markering op mijn dochters voorhoofd. Integendeel.


Ik besef maar al te goed dat het hematoom ooit zal verdwijnen. Vanzelf of als het nodig is, operatief. Maar ik kus mijn twee ‘pollekes’. Want mijn dochter is gezond, uniek en onweerstaanbaar mooi. Ze is perfect. Met of zonder hematoom.

670 weergaven1 opmerking

Recente blogposts

Alles weergeven